plantenmuur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plan·ten·muur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plantenmuur plantenmuren
verkleinwoord plantenmuurtje plantenmuurtjes

Zelfstandig naamwoord

plantenmuur m

  1. een muur die (aan de buitenkant) volledig bestaat uit planten

Gangbaarheid