plaksneeuw

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plak·sneeuw
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord plaksneeuw -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

plaksneeuw v/m

  1. (meteorologie) stevige sneeuw die goed plakt
    • Doordat er deze keer goede plaksneeuw gevallen was, konden ze een heel mooie sneeuwpop maken. 

Gangbaarheid

Meer informatie