pingen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pin·gen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
pingen
pingde
gepingd
zwak -d volledig

Werkwoord

pingen

  1. tekstberichten versturen met een smartphone, tablet of pc met behulp van een speciaal nummer de BlackBerry PIN
    • Onder de bezitters van smartphones, tabletcomputers en pc's maakt 35 procent wel eens gebruik van deze apparaten tijdens het televisiekijken. In 70 procent van de gevallen worden de schermpjes gebruikt voor activiteiten die niets te maken hebben met televisie. Het gaat dan bijvoorbeeld om e-mailen, pingen, surfen en internetbankieren. [1] 
    • Het is ook voor de belbedrijven nog even de vraag in hoeverre modernere communicatiemiddelen zoals pingen en twitteren de functie van het overbrengen van de nieuwjaarswensen via sms en bellen, overneemt. 'Sowieso is oud en nieuw de piek van het jaar', zei een woordvoerder van KPN. 'We verwachten nu wel een enorme toename in het dataverkeer. Het is moeilijk te voorspellen of dat ten koste gaat van het sms-verkeer.' [2] 
    • Een van de sterkste punten is de zakelijke berichtenservice van de BlackBerry. Dit zogenoemde 'pingen' is enige tijd razend populair geweest onder jongeren. Maar omdat andere toestellen tegenwoordig dezelfde mogelijkheden (en méér) bieden, is de glans er inmiddels voor veel mensen vanaf gegaan. Het imago van de BlackBerry heeft verder een deuk opgelopen nadat de besturingssystemen afgelopen najaar meerdere malen met storingen hadden te kampen. [3] 

Zelfstandig naamwoord

pingen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord ping

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
63 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen