pietepeuterig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pie·te·peu·te·rig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen pietepeuterig pietepeuteriger pietepeuterigst
verbogen pietepeuterige pietepeuterigere pietepeuterigste
partitief pietepeuterigs pietepeuterigers -

Bijvoeglijk naamwoord

pietepeuterig [2]

  1. (informeel) overdreven precies
  2. (informeel) erg klein, kriebelig
    • het is lastig werken aan zo'n pietepeuterig apparaatje 
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
76 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal