pesthumeur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pest·hu·meur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pesthumeur pesthumeuren
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

pesthumeur o

  1. een heel slechte, boze, depressieve stemming
    • Hij had nu een pesthumeur en trok zijn revolver. Niemand keek op of om, want wat had die sukkel voor een lelijk stukje smeedwerk in zijn handen. Je kon er niks mee. Maar toen hij een keer in de lucht schoot en wegliep dook iedereen weg. [1] 
    • De kloof tussen scenaristen en studiobonzen in Hollywood gaapt dieper dan ooit. Beide partijen verlieten vrijdag de onderhandelingstafel met een pesthumeur en er zijn voorlopig geen nieuwe gesprekken gepland. De Amerikaanse entertainmentindustrie dreigt zonder benzine te vallen. [2] 
    • Kamp jij ook iedere maand met buikkrampen, een pesthumeur en een futloos lichaam én wil je niets liever dan in je bed blijven liggen? Dan hebben wij goed nieuws! Als het aan Gedis Grudzinskas, een professor in de gynaecologie ligt, dan kruipen alle vrouwen binnenkort tijdens hun menstruatie een paar dagen betaald onder de wol. Wat vinden jullie? [3] 
Synoniemen

Gangbaarheid


Verwijzingen

  1. Reformatorisch Dagblad Harm Koudstaal 29-10-2010 De vreemdeling uit de toekomst
  2. De Standaard 09/12/2007 Het licht gaat uit in Hollywood
  3. De Telegraaf 06 jan. 2016 'Ik ben ongesteld. Kan ik een dagje vrij krijgen?'