peso

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

2. Voorkant en achterkant van een Mexicaanse peso uit 1869.
Uitspraak
Woordafbreking
  • pe·so
Woordherkomst en -opbouw
  • van Spaans peso, oorspronkelijk een zilveren muntstuk van 27 gram [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord peso peso's
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

peso m

  1. (geld) munteenheid in verschillende Spaanssprekende landen
    • Zoals bijna alle buurtbewoners heeft hij een tank van 700 liter op zijn dak. Die laat hij vullen zodat ze elke dag water hebben. Voor 250 peso (10 euro, drie keer het minimumdagloon) kan hij die laten bijvullen door een van de kleine tankwagens, die overal in de stad rondrijden. [2]
    • “Het is treurig dat ons land journalisten een dergelijk welkom geeft”, zei ze na het betalen van een borgsom van 90.000 peso (zo’n 1.500 euro). [3]
  2. (numismatiek) muntstuk met de waarde van de eenheidsmunt in verschillende Spaanse landen
    • Plotseling stond het langvergeten tafereel Rufino López weer duidelijk voor ogen. Hoe de oom die hij tevoren nog nooit gezien had, uit Mexico was overgekomen, zijn kinderhandje in de zijne genomen en daarin een zware zilveren peso gelegd had. [4]
Verwante begrippen
Anagrammen

Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Italiaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • pe·so

Zelfstandig naamwoord

enkelvoud meervoud
peso pesi

peso m

  1. (natuurkunde) gewicht
  2. (figuurlijk) gewicht, belang
  3. (sport) gewichtsklasse
  4. (kogelstoten) kogel
  5. (krachtsport) gewicht
  6. (numismatiek) peso
Anagrammen


Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • pe·so
enkelvoud meervoud
peso pesos

Zelfstandig naamwoord

peso m

  1. (natuurkunde) gewicht
  2. zwaartekracht
  3. weegschaal
  4. (numismatiek) peso

Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
pesar

peso

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van pesar
Anagrammen