perkte

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • perk·te

Werkwoord

vervoeging van
perken

perkte

  1. enkelvoud verleden tijd van perken
    • Ik perkte. 
    • Jij perkte. 
    • Hij, zij, het perkte.