pensioenfonds

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pen·si·oen·fonds
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pensioenfonds pensioenfondsen
verkleinwoord pensioenfondsje pensioenfondsjes

Zelfstandig naamwoord

pensioenfonds o

  1. fonds waaruit pensioenen betaald worden aan leden die daaraan gedurende hun werkende bestaan premies hebben betaald
    • Ook ABP, het grootste pensioenfonds, heeft in de loop van 2018 al zijn beleggingen verkocht in bedrijven die zich bezighouden met de productie van tabak en betrokken zijn bij de bouw van kernwapens. Volgens ABP leverde de verkoop circa 4 miljard euro op. Dat geld is opnieuw belegd, gespreid over verschillende sectoren wereldwijd. [1] 
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen