penningmeester

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pen·ning·mees·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord penningmeester penningmeesters
verkleinwoord penningmeestertje penningmeestertjes

Zelfstandig naamwoord

penningmeester m

  1. iemand die het geld beheert van een vereniging
    • Hij was de penningmeester van de voetbalclub. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie