pelgrimage

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

pelgrimage naar Mekka
Uitspraak
Woordafbreking
  • pel·gri·ma·ge
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘bedevaart’ voor het eerst aangetroffen in 1291 [1]
  • afleiding van pelgrim met het achtervoegsel -age [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord pelgrimage pelgrimages
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

pelgrimage v [3]

  1. (religie) een (pelgrims)reis naar een bedevaartsoord die een bijzondere betekenis heeft binnen een religie (ook in overdrachtelijke zin)
    • De kaarten voor de voorstellingen waren in een mum van tijd uitverkocht. Statistieken worden er niet over bijgehouden, maar het zou wel eens kunnen dat de jaarlijkse pelgrimage naar de Mattheuspassie tegenwoordig meer volk op de been brengt dan de paasmis nog gelovigen trekt. In deze Goede Week voor Pasen wordt ‘de Mattheus’ van Johann Sebastian Bach in Nederland en Vlaanderen meer dan tweehonderd keer opgevoerd. [4] 
    • In maart 2015 kwam hij nog een keer terug. Dit keer bleef hij zes dagen met een zogenaamd Umra-visum, die normaal gesproken verkregen wordt door mensen die op pelgrimage langs de voor moslims heilige plaatsen in het land gaan. [5] 
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
79 % van de Vlamingen.[6]

Meer informatie

Verwijzingen