paparazzo

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pa·pa·raz·zo
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Italiaans, in de betekenis van ‘opdringerige persfotograaf’ voor het eerst aangetroffen in 1985 [1]
  • paparazzo verwijst naar de achternaam van de persfotograaf in de film La dolce vita van Federico Fellini [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord paparazzo paparazzi
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

paparazzo m

  1. (beroep) opdringerige persfotograaf
    • Het was een oprecht excuus; Hill geeft toe dat zijn woordkeuze ‘grotesk’ was en dat hij niet ‘faggot’ had moeten zeggen, ook al bedoelde hij het niet homofoob. Maar toch begón de acteur zijn spijtbetuiging met het goedpraten van zijn gedrag. De paparazzo in kwestie viel hem al de hele dag lastig. Riep nare dingen. Deed hem ‘oprecht pijn’ met zijn woorden en maakte hem zo boos dat hij zichzelf genoodzaakt zag om met ‘het meest pijnlijke woord dat hij kon bedenken’ te reageren. [3] 
Synoniemen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders
85 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen