pantservoertuig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pant·ser·voer·tuig
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord pantservoertuig pantservoertuigen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

pantservoertuig o

  1. (militair) gepantserd motorvoertuig met licht geschut
     Als Duitsland toen had aangevallen met pantservoertuigen en vliegtuigen was het de grootste slachting uit de geschiedenis geworden.[1]
Hyperoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Kop in het zand” (2015), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044628142
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be