panlat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

panlat
Uitspraak
Woordafbreking
  • pan·lat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord panlat panlatten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

panlat v/m

  1. houten latten die horizontaal op een hellend dak zijn aangebracht om een bepaalde dakbedekking, vooral dakpannen, op te hangen
    • Bewoner Wijnand Olij staat allang niet meer te kijken van een voortuin vol schreven. "Sinds ik hier in 1972 woon is dat al bijna tien keer gebeurd." Toch was hij hoogst verbaasd toen het donderdagavond weer raak was. "Nog geen drie maanden geleden zijn de pannen met haakjes aan de panlatten gemaakt." [1] 
    • En waarom is de moeder eigenlijk de kwade genius? Zij wordt even consequent als afstandelijk aangeduid als ”Carolina”. Terwijl de vader gewoon ”vader” is. Maar diezelfde vader zei bij Andreas’ geboorte: „Druk maar weer terug, ik wil een meisje”, en zadelde hem levenslang op met het gevoel ongewenst te zijn. Deze vader aarzelde ook niet om zijn zoon –een kind nog– met de dood te bedreigen en hem met een panlat af te ranselen. [2] 
    • „Cynisch worden had zeker gekund. Maar nee. De wereld is zoals hij is. Ik heb een optimistische aard. Dat is een beetje een probleem in mijn leven: mijn analyses hebben zwartgallige conclusies maar die zijn dan in strijd met mijn optimistische aard. Ik heb dat altijd gehad: als ik op het dak klom en dacht; zou die panlat me houden, dan dacht ik altijd: ah, ja wel.” [3] 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

60 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. De Telegraaf SOPHIE KLUIVERS 28 jun. 2014 Vliegtuig blaast dakpannen weg
  2. Reformatorisch Dagblad Rudy Ligtenberg 27-04-2012 Als een moeder haar gezin tiranniseert
  3. NRC Mark Duursma 14 december 2017 Jan Terlouw: uitbreiding Lelystad Airport moet niet doorgaan