pakket

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Paket

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pak·ket
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘klein pak’ voor het eerst aangetroffen in 1599 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord pakket pakketten
verkleinwoord pakketje pakketjes

Zelfstandig naamwoord

pakket o

  1. een verzameling voorwerpen of begrippen
    • De minister kondigde een pakket maatregelen af. 
  2. klein pak, bijvoorbeeld per post
    • Vanochtend bracht de postbode een pakket. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Deens

Woordafbreking
  • pak·ket

Werkwoord

pakket

  1. voltooid deelwoord van pakke


Noors

Woordafbreking
  • pak·ket
Naar frequentie 2935

Werkwoord

pakket

  1. verleden tijd van pakke
  2. voltooid deelwoord van pakke
Schrijfwijzen

Werkwoord

pakket, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van pakk


Nynorsk

Woordafbreking
  • pak·ket

Werkwoord

pakket, o

  1. bepaalde vorm nominatief enkelvoud van pakk