padvinder

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pad·vin·der
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord padvinder padvinders
verkleinwoord padvindertje padvindertjes

Zelfstandig naamwoord

padvinder m

  1. (verouderd) jongen die lid was van een (openbare of protestante) scoutingorganisatie.
    • Toen ik vroeger bij de welpen was, was ik een padvinder. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie