overlap
Uiterlijk
- over·lap
- zn: van Engels overlap zn , soms opgevat als samenstelling van over en lap ww ook wel vernederlandst met het achtervoegsel -ing tot overlapping [1]
- ww: van Nederlands overlappen ww
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | overlap | overlappen |
| verkleinwoord | - | - |
de óverlap m
- mate waarin twee lagen, onderdelen e.d. iets gezamenlijk bedekken
- Er is altijd overlap tussen grootzeil en voorzeil.
- overdrachtelijk situatie dat iets door meer dan een persoon of organisatie bestreken wordt
- Er is een halfuurtje overlap tussen de ochtendploeg en de avondploeg.
- ▸ De kennis in Nederland over de aarde is "eigenlijk een soort puzzel", legt Hoogendoorn van het KNGMG uit. "Er is ook een studie aardwetenschappen aan de Universiteit Utrecht, en bijvoorbeeld een technische variant in Delft. Maar het is allemaal heel nauw op elkaar afgestemd, zonder overlap. Je haalt nu een belangrijke kaart uit het kaartenhuis."[2]
- (wiskunde) ~ tussen twee functies f(x) en g(x): de integraal
- Wanneer de overlap nul is zijn twee functies orthogonaal.
| vervoeging van |
|---|
| overlappen |
[B] overláp
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overlappen
- Ik overlap.
- gebiedende wijs van overlappen
- Overlap!
- (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van overlappen
- Overlap je?
- Het woord overlap staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "overlap" herkend door:
| 98 % | van de Nederlanders; |
| 92 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ overlap op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Weblink bron Sven Schaap“Werkveld luidt noodklok op actiedag tegen verdwijnen aardwetenschappen VU” (6 mei 2025), NOS - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
samenstelling van over en lap
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| overlap | overlaps |
overlap
- de mate waarin twee lagen, onderdelen e.d. iets gezamenlijk bedekken
- gedeeltelijke bedekking, overdekking
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to overlap |
| he/she/it | overlaps |
| verleden tijd | overlapped |
| voltooid deelwoord |
overlapped |
| onvoltooid deelwoord |
overlapping |
| gebiedende wijs | overlap |
| vervoeging | |
|---|---|
| onbepaalde wijs | to overlap |
| he/she/it | overlaps |
| verleden tijd | overlaped |
| voltooid deelwoord |
overlaped |
| onvoltooid deelwoord |
overlaping |
| gebiedende wijs | overlap |
overlap
- overgankelijk iets gedeeltelijk van twee zijden met een laag bedekken
- onovergankelijk gedeeltelijk van twee zijden bedekt zijn
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Klemtoonhomogram in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Achtervoegsel -ing in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Wiskunde in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 98 %
- Prevalentie Vlaanderen 92 %
- Woorden in het Engels
- Woorden in het Engels van lengte 7
- Woorden in het Engels met audioweergave
- Samenstelling in het Engels
- Zelfstandig naamwoord in het Engels
- Werkwoord in het Engels
- Overgankelijk werkwoord in het Engels
- Onovergankelijk werkwoord in het Engels