overkant
Uiterlijk
- over·kant
- samenstelling van over en kant
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | overkant | overkanten |
| verkleinwoord | overkantje | overkantjes |
de overkant m
- de andere zijde van een weg of water
- Die lui van de overkant zijn niet te vertrouwen.
- ▸ Wat deed dat met hem? En wat heeft hij toen gedaan? Hij bezocht in ieder geval de solo- expositie van Nicolas in de galerie aan de overkant van dit hotel en stond op het punt iets te kopen toen die cameraploeg binnen kwam lopen, waarna hij maakte dat hij wegkwam.[1]
- ▸ ‘Ik ga wel eerst,’ zei Claude rustig terwijl hij stapje voor stapje in het door eerdere hikers gemaakte voetspoor naar de overkant liep.[2]
- Het woord overkant staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "overkant" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024582280 - ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %