overgewicht

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: overwicht

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • over·ge·wicht
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord overgewicht -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

overgewicht o

  1. te groot lichaamsgewicht
    • Overgewicht is net zo schadelijk voor de economie als roken en zorgt voor evenveel ziektedagen en vervroegd stoppen met werken. [1] 
  2. wat bij verkoop boven het bepaald gewicht wordt toegegeven of geleverd blijkt te zijn.
Synoniemen
Hyperoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen