overbelast

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • over·be·last
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen overbelast overbelaster (overbelastst) *
verbogen overbelaste overbelastere (overbelastste) *
partitief overbelasts overbelasters -

Bijvoeglijk naamwoord

overbelast

  1. te zwaar, te zeer belast
Opmerkingen
  • Omdat "-stst" moeilijk is uit te spreken en te verstaan kan voor de overtreffende trap beter de omschrijving "meest overbelast(e)" worden gebruikt.[1][2]

Werkwoord

vervoeging van
overbelasten

overbelast

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van overbelasten
  2. gebiedende wijs van overbelasten
  3. voltooid deelwoord van overbelasten

Gangbaarheid

Verwijzingen