ouden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ou·den

Zelfstandig naamwoord

ouden mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord oude
Spreekwoorden
  • better nen ouden gekrokt dan ne jongen gecreveerd