opvanggezin
Uiterlijk
- Geluid: opvanggezin (hulp, bestand)
- op·vang·ge·zin
- samenstelling van opvang zn en gezin zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | opvanggezin | opvanggezinnen |
| verkleinwoord | opvanggezinnetje | opvanggezinnetjes |
het opvanggezin o
- een gezin dat tijdelijk onderdak, zorg en begeleiding biedt aan een persoon of dier in een kwetsbare situatie
- Het woord opvanggezin staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.