opsøger

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Woordafbreking
  • op·sø·ger
Woordherkomst en -opbouw
  • Deense werkwoordsvorm met het voorvoegsel op-
Naar frequentie 12540

Werkwoord

opsøger

  1. tegenwoordige tijd van opsøge