opmeten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·me·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opmeten
mat op
opgemeten
klasse 5 volledig

Werkwoord

opmeten

  1. overgankelijk van iets de maten bepalen
    • We maten de vloer van de keuken op voor de nieuwe betegeling. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.