opkomst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·komst
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord opkomst opkomsten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

opkomst v

  1. (geschiedenis) de toename in belang van een staat, stand, technologie of organisatie
    • De opkomst van de burgerij was met name in de Vlaamse steden van groot politiek belang. 
     De Nationale 7 is verbonden met de opkomst van de auto in de jaren twintig en dertig. Destijds hadden auto's kleine brandstoftanks en gingen ze vaak kapot. Daarom barst het langs de route van de pompstations en garages, veelal opgetrokken in een betonnen art-decostijl, destijds het toppunt van moderniteit. Vele zijn vervallen, sommige zijn gerestaureerd, zoals een klassiek pompstation in Valence. Het mooiste voorbeeld van deze stijl ligt strikt genomen niet aan de Nationale 7: de Citroëngarage in Lyon.[1]
  2. (politiek) de mate waarin de kiesgerechtigden gebruik maken van hun stemrecht in een verkiezing
    • De opkomst was bedenkelijk laag bij deze verkiezingen. 
  3. (astronomie) het boven de horizon verschijnen van een hemellichaam
    • De opkomst van de zon is vandaag om 5u 13. 
  4. (scouting) een periodieke bijeenkomst van een scoutinggroep
    • De opkomst van deze week heeft als thema routetechnieken. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.[2]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron Peter Giesen “Route Nationale 7, leuker dan de Route du Soleil” (30 juli 2014), de Volkskrant
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be