opkloppen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·klop·pen
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opkloppen
klopte op
opgeklopt
zwak -t volledig

Werkwoord

opkloppen

  1. door kloppen in volume doen toenemen
    Door opkloppen maak je van room slagroom.
  2. belangrijker maken dan het misschien is
    In de reclame worden de kwaliteiten van een product vaak tot in het belachelijke opgeklopt.