opgeleukt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·ge·leukt
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
opleuken

opgeleukt

  1. voltooid deelwoord van opleuken

Gangbaarheid