openlijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • open·lijk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van open met het achtervoegsel -lijk.
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen openlijk openlijker openlijkst
verbogen openlijke openlijkere openlijkste

Bijvoeglijk naamwoord

openlijk

  1. zonder te verbergen, in het openbaar
    Hij liet zijn voorkeur openlijk blijken.
Verwante begrippen
Vertalingen