opeisen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·ei·sen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
opeisen
eiste op
opgeëist
zwak -t volledig

Werkwoord

opeisen

  1. overgankelijk eisen dat iets of iemand waarop men recht heeft, wordt overgegeven
    • Argentinië eist de Falklandeilanden op, die het Verenigd Koninkrijk toebehoren. 
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.