opdagelser

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Woordafbreking
  • op·da·gel·ser
Woordherkomst en -opbouw
  • Deense werkwoordsvorm met het voorvoegsel op-
Naar frequentie 21220

Zelfstandig naamwoord

opdagelser, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van opdagelse