oorspronkelijk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • oor·spron·ke·lijk
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen oorspronkelijk oorspronkelijker oorspronkelijkst
verbogen oorspronkelijke oorspronkelijkere oorspronkelijkste
partitief oorspronkelijks oorspronkelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

oorspronkelijk

  1. zoals het in begin was
    • Dit is de oorspronkelijk vorm van dit woord. 
    • Omdat de gemeente bij de bouw nu afwijkt van het oorspronkelijke bouwplan, vindt Struis dat hij zich niet meer aan deze vaststellingsovereenkomst hoeft te houden. [1] 
     Dank aan de auteurs en uitgevers die overname toestonden (zie voor bijzonderheden 'Bronnen' aan het einde van het boek). De oorspronkelijke spelling hiervan is zoveel mogelijk gehandhaafd. Van enkele stukken bleken, tot onze spijt, auteur en uitgever niet te achterhalen.[2]
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Tubantia Buurman ‘Viking’ vraagt rechter om bouwstop filmtheater Judah Bolink 23-04-19
  2. Marijke van Raephorst op Wikipedia “Het hele jaar rond: van Sinterklaas tot Sintemaarten” (1973), Lemniscaat op Wikipedia, p. 7