Naar inhoud springen

onwillekeurig

Uit WikiWoordenboek
  • on·wil·le·keu·rig
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen onwillekeurigonwillekeurigeronwillekeurigst
verbogen onwillekeurigeonwillekeurigereonwillekeurigste
partitief onwillekeurigsonwillekeurigers-

onwillekeurig

  1. toevallig; zonder wil, regelmaat of oorzaak
    • De man maakte onwillekeurige bewegingen. 
     ' 'Ha!' Pamela schaterde het uit en ik moest onwillekeurig glimlachen; het was opwindend om het te vertellen.[1]
  2. zonder bewustzijn
     Chie's enige moeder is nu die rollende, glanzende bol, die zichzelf onwillekeurig eenmaal per jaar om de zon heen gooit.[2]
99 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[3]
  1. Jessie Burton vert. Marja Borg
    “De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024574704
  2. Samantha Harvey
    “In Orbit” (2024), De Bezige Bij op Wikipedia, ISBN 9789403135625
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be