onwaarneembaar
Uiterlijk
- on·waar·neem·baar
- afleiding van waarneembaar met het voorvoegsel on-
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | onwaarneembaar | onwaarneembaarder | onwaarneembaarst |
| verbogen | onwaarneembare | onwaarneembaardere | onwaarneembaarste |
| partitief | onwaarneembaars | onwaarneembaarders | - |
onwaarneembaar
- onmogelijk om met zintuigen of instrumenten waar te nemen
- Radioactieve straling is met de menselijke zintuigen onwaarneembaar.
- Het woord onwaarneembaar staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.