onvoorbereid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·voor·be·reid
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen onvoorbereid
verbogen onvoorbereide

Bijvoeglijk naamwoord

onvoorbereid

  1. niet voorbereid
    onvoorbereid bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Antoniemen
Vertalingen