onvoldoende

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·vol·doen·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord onvoldoende onvoldoenden
onvoldoendes
verkleinwoord onvoldoendetje onvoldoendetjes

Zelfstandig naamwoord

onvoldoende v / m / o [1]

  1. te laag cijfer
stellend
onverbogen onvoldoende
verbogen

Bijvoeglijk naamwoord

Niet in de woordenlijst van de Taalunie (als bijvoeglijk naamwoord)
onvoldoende [2]

  1. te weinig voor het beoogde doel
Synoniemen
Verwante begrippen
Antoniemen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal
  2. Woordenboek der Nederlandse taal

Bijvoeglijk naamwoord

onvoldoende

  1. verbogen vorm van de stellende trap van onvoldoend