ontwinden

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·win·den
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

ontwinden [1]

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ontwinden
ontwond
ontwonden
klasse 3 volledig
  1. tot rust komen
     Ik verkeer in de gelukkige omstandigheid dat mijn man Garth veel boeken leest. Voor mij liggen ze dan voor het oprapen." Zelf komt Jet Bussemaker er alleen aan toe voor het slapengaan. ,,Dat is voor mij een manier om echt helemaal te ontwinden. En in de vakanties lees ik altijd." Dan gaan er zó zeven boeken doorheen.[2]

Gangbaarheid

65 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink Weblink bron Hanneke Keultjes “Leesgek Jet Bussemaker: Een boek kan troost bieden” (12-01-2017), Tubantia