ontwikkelen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·wik·ke·len
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘ontvouwen’ voor het eerst aangetroffen in 1679 [1]
  • Afgeleid van wikkelen met het voorvoegsel ont-.
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ontwikkelen
ontwikkelde
ontwikkeld
zwak -d volledig

Werkwoord

ontwikkelen

  1. overgankelijk iets ~: een aanwezige aanleg tot bloei brengen
    • De zangpedagoog helpt de stem van de leerling te ontwikkelen. 
  2. wederkerend zich ~ tot: geleidelijk iets worden
    • Hij ontwikkelt zich tot een boom van een vent. 
  3. (fotografie) overgankelijk een film ~: het latente beeld van een belicht fotografisch materiaal chemisch zichtbaar maken
    • Hij ontwikkelde deze film zelf. 
  4. overgankelijk ontwerpen en uitvoeren op basis van onderzoek
    • Ze hebben dat computerprogramma ontwikkeld in opdracht van Microsoft. 
naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
ontwikkelen ontwikkelend
ontwikkeling ontwikkeld
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen