ontstoken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·sto·ken
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
ontsteken

ontstoken

  1. voltooid deelwoord van ontsteken

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.