ontsteltenis

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: ontstentenis

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·stel·te·nis
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ontsteltenis ontsteltenissen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

ontsteltenis v

  1. toestand van plotselinge en grote schrik, verwarring en/of paniek
    • Tot mijn grote ontsteltenis zag ik dat. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen