ontsluieren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ont·slui·e·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ontsluieren
ontsluierde
ontsluierd
zwak -d volledig

Werkwoord

ontsluieren

  1. overgankelijk vanuit het verborgene zichtbaar maken
    • Einstein ontsluierde een aantal opmerkelijke aspecten van het heelal. 
Afgeleide begrippen


Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be