onshore

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·shore
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Engels
stellend
onverbogen onshore
verbogen

Bijvoeglijk naamwoord

onshore

  1. op het land
     Tegen 2020 en waarschijnlijk al volgend jaar zal energie die is opgewekt met zonnecellen en onshore wind richting de $0.03 per kilowattuur duiken! Als ik het zo opschrijf lijkt het misschien ‘zomaar’ een mededeling. Maar de gevolgen zijn natuurlijk enorm.[1]
     Shell-concurrent BP troefde met de grootste overname ($10,5 miljard) in ruim tien jaar van alle onshore olie- en gasactiviteiten van BHP Billiton concurrenten af voor toegang tot deze Permian-voorraden in de VS.[2]

Gangbaarheid

46 % van de Nederlanders;
45 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron ROBERT SCHUCKINK KOOL “Duurzaam wint het definitief” (29 jan. 2018), De Telegraaf
  2. Bronlink Weblink bron “Beursup(slot): AEX spurt met klein verzet over jaartop heen” (27 jul. 2018), De Telegraaf
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be