ongevoelig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·ge·voe·lig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ongevoelig ongevoeliger ongevoeligst
verbogen ongevoelige ongevoeligere ongevoeligste
partitief ongevoeligs ongevoeligers -

Bijvoeglijk naamwoord

ongevoelig [1]

  1. zonder gevoel bij prikkeling van de zenuwen
  2. onaangedaan, onaandoenlijk, onbewogen
    Bankier zijn is niet leuk meer. De publieke opinie heeft zich tegen het beroep gekeerd:
    De bankier is niet zomaar een parasiet, hij is een ongevoelige, harteloze en arrogante parasiet.
Verwante begrippen
Afgeleide begrippen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandse taal