ongelukkigerwijs

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·ge·luk·ki·ger·wijs
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

ongelukkigerwijs

  1. te wijten aan ongeluk
    • De speler wilde op zijn keeper terugspelen, maar ongelukkigerwijs lepelde hij de bal over zijn doelman heen in het doel. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid