Naar inhoud springen

onduidelijkheid

Uit WikiWoordenboek
  • on·dui·de·lijk·heid
enkelvoud meervoud
naamwoord onduidelijkheid onduidelijkheden
verkleinwoord onduidelijkheidje onduidelijkheidjes

deonduidelijkheidv

  1. het onduidelijk zijn
     "Absoluut nodig", noemde parlementslid Augusta Montaruli van Meloni's partij het voorstel in een interview met persbureau Reuters. "Als iemand hoopt te profiteren van juridische onduidelijkheid, dan kan dat niet met ons." Op een verzoek van de NOS om die uitspraak te specificeren, wilde Montaruli niet ingaan.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 13 april 2025 Weblink bron
    Heleen D'Haens
    “Hennepverbod Italië wekt verbazing: 'net zo gevaarlijk als een kerstomaatje'” (13 april 2025), NOS