onderwierp

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·wierp

Werkwoord

vervoeging van
onderwerpen

onderwierp

  1. enkelvoud verleden tijd van onderwerpen
    • Ik onderwierp. 
    • Jij onderwierp. 
    • Hij, zij, het onderwierp.