onderwater

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·wa·ter
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord onderwater -
verkleinwoord onderwatertje onderwatertjes

Zelfstandig naamwoord

onderwater o

  1. (bij molens) het water dat lager is gelegen (bij watermolens: waar het water na het aandrijven van het waterrad heenstroomt; bij windmolens: het water dat omhoog wordt gemalen)
    • De mogelijkheid toch bestaat, als een gebouw staat op een waterscheiding, dat het bovenwater onder de fundering door naar het onderwater loopt, dus hier uit de zee in de polder. [2]
Antoniemen

Bijwoord

  1. geheel onder de waterspiegel
    • (... ) men krijgt als buitenstaander anders nooit iets te zien van de moordpartijen die zich onderwater afspelen (...) [3]
Opmerkingen
  • onder water (twee woorden) heeft meer de betekenis "(deels) onder een laag water, bijvoorbeeld als gevolg van een gestegen waterpeil"
Door de overstroming staat het paleis onder water.
Het paleis van de zeemeermin stond onderwater.
(vandaar ook steek onder water om figuurlijk de tegenstelling op te roepen tussen wat zich boven en onder water afspeelt)
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen