ondervinding

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·vin·ding
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord ondervinding ondervindingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

ondervinding v [2]

  1. iets geleerd hebben door iets te doen of mee te maken
    • De speciale protheses hebben volgens Smet nog een bijkomend voordeel. Een prothese laat de andere medische kosten dalen. Door een mechanische knie slijten je rug en je heupen veel sneller. De kans is ook groter om te vallen en zo andere lichaamsdelen te beschadigen. ‘Heeft niet iedereen recht op een mooier leven, ongeacht je vermogend bent of niet, met of zonder tussenkomst van de verzekering?!’, vraagt Smet zich af. ‘Ik spreek uit eigen ondervinding, en weet je, dit doet verdomd pijn.’ [3] 
    • Eenzaamheid en getrouwd zijn kunnen heel wel samengaan, noteert hij uit eigen ondervinding in Dagboek 1943-1947. [4] 
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • ondervinding is de beste leermeester
je leert iets het beste door het zelf te doen of mee te maken
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen