onderstaken
Uiterlijk
- Geluid: onderstaken (hulp, bestand)
- on·der·sta·ken
| vervoeging van |
|---|
| ondersteken |
onderstaken
- (in een bijzin) meervoud verleden tijd van ondersteken
- ...dat wij onderstaken.
- ...dat jullie onderstaken.
- ...dat zij onderstaken.
- ...dat wij onderstaken.