onderschikking
Uiterlijk
- on·der·schik·king
- Naamwoord van handeling van onderschikken met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | onderschikking | onderschikkingen |
| verkleinwoord | - | - |
de onderschikking v
- (taalkunde) een samenvoeging van twee zinnen tot een geheel waarvan de ene een bijzin is van de andere
- "Ik stond op omdat ik naar mijn werk moest" is een voorbeeld van een onderschikking.
- Het woord onderschikking staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.