onbepaald zelfstandig naamwoord

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·be·paald zelf·stan·dig naam·woord
enkelvoud meervoud
naamwoord onbepaald zelfstandig naamwoord onbepaalde zelfstandige naamwoorden
verkleinwoord onbepaald zelfstandig naamwoordje onbepaalde zelfstandige naamwoordjes

Zelfstandig naamwoord

onbepaald zelfstandig naamwoord o

  1. (grammatica) een zelfstandig naamwoord dat niet naar een specifieke zaak verwijst.
    • In de zin "De jongen heeft een fiets." is fiets een onbepaald zelfstandig naamwoord en verwijst niet naar een specifieke fiets. Het woord fiets wordt dan voorafgegaan door een onbepaald lidwoord. 
Antoniemen