omgekeerd
Uiterlijk
- om·ge·keerd
| vervoeging van: | omkeren… |
| verbogen vorm: | omgekeerde |
omgekeerd
- voltooid deelwoord van omkeren
- vormt de voltooide tijden
- Ik heb me omgekeerd en ben naar huis gelopen.
- vormt de lijdende vorm
- Bij de volgende wedstrijd wordt de looprichting omgekeerd.
- ▸ 'Ik zeg niet dat het een absoluut recht is, natuurlijk zal anonimiteit soms moeten wijken voor de rechten van het kind, bijvoorbeeld bij erfelijke ziektes, maar dat geldt omgekeerd ook voor het recht om te weten van wie men afstamt.[1]
- ▸ Was mijn moeder in een baan rond Connies zon gaan draaien, of was het omgekeerd geweest? Wie was als eerste voor de bijl gegaan? En was ik ook zo'n jonge vrouw? Ik was hier niet om romantische redenen, maar ik wilde wel de lagen van Connies leven afpellen in de hoop dat ik daaronder mijn moeder zou vinden.[2]
- attributief gebruikt
- Ik heb de stappen in omgekeerde volgorde uitgevoerd.
- Het lijkt de omgekeerde wereld.
- bijwoordelijk gebruikt
- Hij heeft hem niets aangedaan, maar omgekeerd is dat wel het geval.
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | omgekeerd | omgekeerder | omgekeerdst |
| verbogen | omgekeerde | omgekeerdere | omgekeerdste |
| partitief | omgekeerds | omgekeerders | - |
- in een halve slag (180°) gedraaide positie: met de onderkant naar boven of met de achterkant naar voren
- in tegengestelde richting
- [2] averechts, invers, tegengesteld
- [1] achterstevoren, andersom
- Omgekeerd ( of veranderd) als een blad
- Als het melk regent, staan mijn schotels omgekeerd
- Het blaadje is (om)gekeerd ( of omgeslagen)
- Het woord omgekeerd staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "omgekeerd" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[5] |
- ↑ “De familie Wachtman” (2006), Ambo/Anthos, ISBN 9789026352508
- ↑ Jessie Burton“De bekentenis” (2020), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024586295 - ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %